EU-stemrecht: Vlaamse Beweging zet nieuwe stap
EU-STEMRECHT: VLAAMSE BEWEGING ZET NIEUWE STAP
Vandaag zal het Europees Hof de federale staat België wellicht veroordelen omdat ze er nog steeds niet in geslaagd is het gemeentelijk EU-stemrecht in eigen wetgeving om te zetten. De Europese richtlijn hierover moest eigenlijk reeds tegen eind 1996 omgezet zijn. In tegenstelling tot sommige berichtgeving heeft een veroordeling een louter morele betekenis en heeft ze geen onmiddellijke gevolgen. Slechts bij een tweede veroordeling kan een geldboete opgelegd worden, maar tegen dan zijn de cruciale verkiezingen van gemeenteraden reeds voorbij. Toch pleit de Vlaamse Beweging niet voor verder uitstel, integendeel. In de zaak van het EU-stemrecht werd in ons land al te lang aan sluipende besluitvorming gedaan. Dat moet nu maar eens gedaan zijn. En omdat federale regering en federaal parlement er blijkbaar niet uitgeraken, heeft de Vlaamse Beweging nu zelf het initiatief genomen. Twee tekstvoorstellen van wetgeving werden uitgewerkt om de omzetting door te voeren binnen het kader van de grondwet en het Europees recht. Ze strekken ertoe dat het Vlaams Parlement, zoals afgesproken in het Sint-Michielsakkoord, zelf bevoegd wordt voor omzetting en de voorwaarden van de Vlaamse Beweging decretaal verankerd worden.
***Het Europees Hof veroordeelt wellicht vandaag de federale staat België voor het niet tijdig omzetten van het EU-stemrecht in eigen wetgeving. Daarmee bezorgt zij de federale regering en haar aanvoerder, Jean-Luc Dehaene, terecht een blaam voor hoogmoed uit het verleden. Bij de onderhandeling van het Verdrag van Maastricht vond de federale regering het immers niet nodig Vlaamse voorwaarden vast te leggen in de bepalingen over EU-stemrecht en Europees burgerschap. Nadien gaf zij de meerderheid in het parlement opdracht om het verdrag tegen het advies van de Raad van State in te bekrachtigen zonder grondwetsherziening. Toen vervolgens de Europese richtlijn tot stand kwam werd onder Franstalige druk nagelaten de door het Vlaams Parlement gestelde voorwaarden aan te kaarten. Het gevolg laat zich raden: andere lidstaten - zoals Luxemburg - bekwamen verstrekkende uitzonderingen, terwijl Vlaanderen het moest stellen met de vage beloften dat dit nog bij omzetting in eigen wetgeving kon. Het is dan ook wraakroepend dat de federale regering recent nog een wetsvoorstel van het FDF steunde en zelfs overnam in een eigen ontwerp. Desnoods zou zij ook tegen de grondwet in willen gaan!
De Vlaamse Beweging heeft zich van in het begin steeds kritisch, maar constructief opgesteld. Her-haaldelijk waarschuwde zij ervoor dat ondoordachte invoering van gemeentelijk stemrecht ernstig gevaar inhoudt voor Brussel en de Vlaamse Rand. De Beweging plaatste ook wezenlijke kanttekeningen bij de sluipende besluitvorming en het democratisch deficiet in het dossier. Zij heeft zich nooit tegen het EU-stemrecht gekant, maar stelt wel een aantal evidente voorwaarden en waarborgen voorop. Om te kunnen kiezen moeten EU-burgers de taal kennen, belasting betalen en hier enige tijd verblijven. In navolging van het Sint-Michielsakkoord moet het Vlaams Parlement bevoegd zijn voor de organieke gemeentewetgeving, met inbegrip van de kieswet. Alleen eigen onderdanen kunnen burgemeester of schepen worden en er moeten bijzonder waarborgen komen voor Brussel en de Vlaamse Rand. Al deze voorwaarden blijven ook vandaag mogelijk binnen het kader van de Europese regelgeving, zoals voorbeelden in andere lidstaten aantonen. Federale regering en federaal parlement geraken echter zelf niet uit de impasse en daarom zet de Vlaamse Beweging nu zelf een stap verder. Zij schreef twee tekstvoorstellen van (grond)wetgeving die ertoe strekken dat het Vlaams Parlement binnen de grondwet en bij decreet zelf gestalte geeft aan de haar voorwaarden.
Leuven, 9 juli 1998. David Vitsi.o. aktiekomitee 'EU-stemrecht? Ja, maar ...'
Het komitee 'EU-stemrecht? Ja, maar ...' werkt onder toezicht van het Overlegcentrum Vlaamse Verenigingen (OVV), dat een vijftigtal Vlaamse cultuur-, strijd- en beroepsverenigingen overkoepelt (voorzitter: prof. dr. M.E. Storme, 075/78.41.52.).



Printervriendelijke versie
top