Standpunt van de Conferentie van Vlaamse Mandatarissen
Op voorstel van Herman Van Autgaerden (VU), gedeputeerde Vlaams karakter, heeft de Conferentie van Vlaamse Mandatarissen (CVM), die de Vlaamse verkozenen in de zes faciliteitengemeenten nabij Brussel overkoepelt, volgend urgentieprogramma aangenomen.
Een urgentie programma voor de Vlaamse Rand
In het kader van de nakende gesprekken tussen Vlaamse en Franse Gemeenschap over verdere stappen in de staatshervorming dringt de Conferentie er bij het Vlaams Parlement eenstemmig op aan om volgende urgentiepunten als minimale eisen naar voor te schuiven:
Verfijning institutioneel kader
De oprichting van de nieuwe provincie Vlaams-Brabant, ruim drie jaar geleden, hield rekening met de institutionele logica. Nochtans heeft deze logica nog niet geleid tot de splitsing van het kiesarrondissement Brussel Halle Vilvoorde en van het gerechtelijk arrondissement Brussel. Ook de regelgeving van het administratief toezicht op de faciliteitengemeenten is nog steeds federaal. De reeds in het St.-Michielsakkoord overeengekomen defederalisering van gemeentewet en gemeentekieswet is nog steeds niet uitgevoerd.
Het doorknippen van de electorale banden tussen Franstaligen in de Vlaamse Rand en Franstalige Brusselaars zal een einde maken aan hun arrogante en niet te rechtvaardigen aanspraken op Vlaams grondgebied. Zo zal ook een splitsing van de instellingen van het gerechtelijk arrondissement Brussel een passend vervolgingsbeleid mogelijk maken, dat rekening houdt met de specifieke behoeften van Halle-Vilvoorde, waartoe de faciliteitengemeenten nabij Brussel ondubbelzinnig behoren. Tijdens de lopende politiehervorming moet de afbakening van de interpolitiezones vastgelegd worden volgens de gewestgrenzen. Eénzelfde gebiedsafbakening moet overwogen worden voor de andere veiligheidsdiensten.<(P>
De Conferentie dringt aan op de uitdoving en de uiteindelijke afschaffing van de faciliteiten. Na 35 jaar moet de met de faciliteiten beoogde integratie van anderstaligen in voldoende mate bereikt zijn om een einde te kunnen maken aan dit gunstregime. Het misbruik van de faciliteiten heeft geleid tot een onaanvaardbaar systeem van feitelijke tweetaligheid. Anderstaligen moeten zich, zoals elders in Vlaanderen, in hun bestuurlijke betrekkingen van het Nederlands bedienen. In afwachting moeten de bestaande taalwetten beperkend geïnterpreteerd en toegepast worden
Ook het gescheiden onderwijs voor Franstaligen in de faciliteitengemeenten is in de huidige institutionele context totaal achterhaald. Het schiet schromelijk tekort in zijn oorspronkelijke doelstelling, t.w. de doorstroming en inburgering van Franstalige kinderen in het Nederlandstalig middelbaar onderwijs. In feite betaalt Vlaanderen meer dan 200 miljoen voor zijn eigen verfransing. Dit is onaanvaardbaar. Het Franstalige basisonderwijs moet dan ook uitdoven en verdwijnen. In afwachting hiervan moet de taalinspectie op een strictere wijze haar opdracht vervullen en moet zij, samen met de pedagogische inspectie, onder de bevoegdheid vallen van de Vlaamse instanties, zoals nu reeds het geval is voor de administratieve inspectie. Gezien de integrerende opdracht van dit onderwijs, moeten de Vlaamse eindtermen van toepassing zijn. De opvang van anderstaligen in het Nederlandstalige onderwijs leidt tot een zware pedagogische belasting die een degelijke ondersteuning verdient, ook financieel.
De provincie Vlaams Brabant als volwaardige provincie uitbouwen
Alhoewel Vlaams-Brabant als nieuwe provincie grondwettelijk verankerd werd en inmiddels ruim voldoende zijn bestaansreden bewezen heeft, blijven vooral federale instellingen, voorzieningen en overheidsbedrijven de nieuwe bestuurlijke realiteit miskennen. De provinciale diensten blijven vaak samengevoegd met deze voor Brussel 19 en de dienstverlening blijft georganiseerd zoals in het unitaire Brabant, d.i. meestal in het nadeel van de Vlamingen. Schrijnend is de verplichte opvang van inwoners uit de Vlaamse Rand in sommige Brusselse ziekenhuizen en het dringend ziekenvervoer via de dienst 100.
Aanvullend kan verwezen worden naar o.a. de provinciale beursstichtingen, geneeskundige raden en provinciale commissies van de Orde van Geneesheren. Deze lijst is niet limitatief.
De unitair gebleven diensten en afdelingen, ook de federale - zoals vb. directe belastingen, BTW enz. - moeten dan ook waar mogelijk zinvol opgesplist worden, zonder dat zulks noodzakerlijkerwijze ertoe moet leiden dat alle voorzieningen worden geconcentreerd in de hoofdplaats Leuven. Dit geldt eveneens voor overheidsbedrijven zoals de Post, die nu eerder een omgekeerde tendens vertonen.
Decreetgeving en taalwetgeving
Gezien de precaire taalverhoudingen in de Vlaamse Rand en in de zes faciliteitengemeenten nabij Brussel in het bijzonder, moeten waar nodig bijzondere bepalingen i.v.m. de toepasbaarheid en de regelgeving worden opgenomen in decreten en besluiten. Juridische onderbouw en motivering van dergelijke bepalingen kunnen steunen op het bijzondere taalstatuut en op de feitelijk kwetstbare positie van de Nederlandstaligen, zeker in culturele en sociale aangelegenheden. Onwillige gemeenten moeten door sancties, financiële of andere, aangemaand worden de decretaal voorziene gelden niet af te wenden van hun oorspronkelijke doelstellingen. Eventueel moeten alternatieve kanalen voorzien worden om de doelgroepen te bereiken.
Dergelijke bijzondere bepalingen werden ook reeds voorzien voor gemeenschapsmateries in Brussel. Iedere regelgeving van de Vlaamse overheden zou moeten getoetst worden op haar toepasbaarheid in de faciliteitengemeenten, gezien men daar te maken kan hebben met volstrekt onwillige gemeentebesturen. Dit alles past in het beleid van de Vlaamse overheden om het Vlaamse karakter van de streek te vrijwaren en te versterken. In het Actieplan voor de Vlaamse Rand wordt in dit verband als voorbeeld bijzondere aandacht gevraagd voor het bibliotheekdecreet. De Conferentie betuigt zijn uitdrukkelijke steun aan de uitwerking van een specifieke toezichsregeling voor de gemeenten met bijzonder taalstatuut, zoals voorzien in de krachtlijnennota van de Vlaamse regering i.v.m. het pact met de gemeenten en OCMW's.
In navolging van het Actieplan nemen de Vlaamse overheden initiatieven om de taalwetgeving strikter toe te passen. Het toezicht moet onwillige besturen d.m.v. passende sancties dwingen zich naar de geldende richtlijnen te schikken. Ook op andere domeinen moet het toezicht verscherpt worden, bvb. op het vlak van de controle op begrotingen en rekeningen.
De Conferentie kan hierbij een belangrijke functie op zich nemen door verdoken subsidiëringskanalen en discriminatoir handelen te signaleren. De Franse Gemeenschap treedt in de meeste faciliteitengemeenten systematisch buiten haar grondwettelijke kader en heeft voor de nabije toekomst verdere inititieven aangekondigd i.v.m. de subsidiëring van socioculturele verenigingen in de Rand. Ook Franstalige sport- en socioculturele koepels worden hierbij ingeschakeld. Hiertegen moet dringend een passend antwoord uitgewerkt worden.
Zij kan er ook mee over waken dat verdere initiatieven van de Vlaamse overheden om de taalwetgeving te verfijnen op het terrein correct worden toegepast. Op termijn moet de taalwetgeving volledig in Vlaamse handen komen, als instrument van een volwaardig integratiebeleid.
Een structurele band tussen de Conferentie en de Vlaamse overheden (parlement, regering, provincie, administratie) moet uitgewerkt worden teneinde zeer snel informatie te laten doorstromen, de nodige adviezen te kunnen formuleren en zeer snel op de bal de kunnen spelen. Hiertoe behoort eveneens de logistieke ondersteuning van de Conferentie.
In het kader van zijn verruimde opdrachten waarvan wij spoedig de resultaten op het terrein verwachten, moet er een nauwe samenwerking uitgewerkt worden met de vzw De Rand evanals met de vzw Informatie Vlaams-Brabant.
Huisvestingsinitiatieven en grondbeleid
Om het Vlaamse karakter van de streek veilig te stellen is het allereerst noodzakelijk dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zelf orde op zaken stelt door een einde te maken aan de uittocht van zijn inwoners. Daarnaast zullen ook blijvend zware inspanningen geleverd moeten worden om de sociale, culturele en politieke verdringing in de brede Vlaamse Rand te stoppen.
De Vlaamse overheden moeten een wezenlijke investering doen in een doorgedreven sociaal huisvestings en grondbeleid, met voorrang voor Nederlandstaligen. Naast de goedkeuring van het reeds te lang aanslepende woonruimtedecreet, zullen vele bijkomende miljarden nodig zijn. Een en ander mag echter geenszins afbreuk doen aan het principe van de groene Gordel.
De initiatieven moeten passen in een globaal beleidskader, m.n. op het vlak van ruimtelijke ordening en mobiliteit. De Conferentie moet de kans krijgen om mee advies uit te brengen over de afbakening van het Vlaams Stedelijk Gebied en de uitwerking van het zgn. Voorstedelijk Vervoersnet. Daarbij zal zij zich laten leiden door de krachtlijnen van de eerste provinciale beleidsnota Ruimtelijk Structuurplan Vlaams Brabant.
Tenslotte moet er ook een betere cöordinatie komen van de vele initiatieven op het vlak van huisvestings en grondbeleid. Concrete taakstelling door de Vlaamse overheden moet dan ook dringend gerealiseerd worden. Vlabinvest bijvoorbeeld moet zo snel mogelijk op kruissnelheid komen om een reële impact te kunnen bewerkstelligen. Een rol als plaatselijke informatiesteunpunt of zelfs sociaal verhuurkantoor kan voor de vzw De Rand in het kader van zijn verruimde oppdracht onderzocht worden.
Taal- en onthaalbeleidIntegratie van belangrijke aantallen migranten en anderstaligen blijft een grote uitdaging in de streek en in het bijzonder in de zes faciliteitengemeenten nabij Brussel. Voor een ècht doorgedreven taal en onthaalbeleid, dat gericht is op volledige inburgering, moeten dan ook voldoende financiële middelen vrijgemaakt worden door de Vlaamse overheid. De uitgave van een brochure (Welkom in Vlaanderen) is een begin maar is niet voldoende, zeker indien zij zich enkel richt tot EU-burgers.
Taalkennis is de hefboom bij uitstek is voor sociale, culturele en economische deelname aan het plaatselijke gemeenschapsleven. Daarom moet voor taalondericht Nederlands Tweede Taal (NT2) in taalcentra, maar ook in (basis)scholen met hoge concentraties anderstaligen, veel meer geld vrijgemaakt worden. Voor initiatieven op cultureel vlak moet nauw samengewerkt worden met het plaatselijk verenigingsleven en integratiebevorderende organisaties.
De versterking van het Nederlands in het straatbeeld is een belangrijke psychologische ruggensteun voor een zelfbewust onthaalbeleid. In dit verband zijn de straatnaamborden, waarvan we de verplichte tweetaligheid sterk in vraag stellen, ook belangrijk. Beleidsmaatregelen en sensibilisering maken het Vlaamse karakter van de streek meer zichtbaar en nodigen uit tot inpassing. Al deze initiatieven op het vlak van taal en onthaal moeten i.s.m. de vzw De Rand door de provincie gecoördineerd worden met financiële steun van de Vlaamse Gemeenschap.
Naast bovenvermelde initiatieven en voorzieningen blijft de noodzaak bestaan om de bestaande provinciale Permanente Werkgroep taalproblematiek (PWT) om te bouwen tot een volwaardige taalombudsdienst en dienst voor taalpromotie. In uitvoering van het Actieplan moet deze dienst particulieren bijstaan en begeleiden bij het formuleren en indienen van taalklachten. Hiervoor kan, waar mogelijk, samenwerking onderzocht worden met het verenigingsleven, de vzw De Rand en de Permanente Administratieve Werkgroep van de Vlaamse administratie (Rand-cel).
De Conferentie juicht de toekenning van gemeentelijk stemrecht aan EU-burgers toe, omdat dit bijdraagt tot de verwezenlijking van de Europese gedachte. Maar de Conferentie is ook bezorgd. Kiesrecht zonder waarborgen voor de Vlaamse Rand zal leiden tot spanningen en de integratie van migranten en anderstaligen bemoeilijken. Gevreesd mag worden dat dit kan leiden tot een verdere achteruitgang van nederlanstaligen in de politieke organen van de faciliteitengemeenten nabij Brussel.
Daarom herinnert de Conferentie aan de voorwaarden van het Vlaams Parlement en de provincieraad m.b.t. het EU stemrecht. Om te kunnen kiezen moet men belastingplichtig zijn in de gemeente en hier gedurende enkele jaren verblijven. Om verkozen te worden moet men daarenboven voldoende kennis hebben van het Nederlands. Enkel eigen onderdanen kunnen schepen of burgemeester worden en er moet voorzien worden in bijzondere waarborgen voor Brussel en Vlaams Brabant. De afwijkingsclausule moet in elk geval gelden voor de zes faciliteitengemeenten nabij Brussel en in andere gemeenten van de Vlaamse Rand met meer dan 10% kiesgerechtigde EU-burgers.
Uiteraard kan EU-stemrecht slechts ingevoerd worden na herziening van de grondwet. Hierbij moet tegelijkertijd de reeds overeengekomen overdracht van de organieke gemeentewetgeving, inbegrepen de gemeentekieswet, doorgevoerd worden. Heronderhandeling en nieuwe toegevingen daartoe zijn volledig uit den boze. Het aanbod van partijen die manifest ingaan tegen deze Vlaamse voorwaarden om mee de vereiste tweederde meerderheid te leveren is onaanvaardbaar.
Het is hoogdringend een offensieve communicatiestrategie op punt te stellen om, samen met de Vlaamse Gemeenschap en de provincie Vlaams-Brabant, EU-burgers op een positieve manier te overtuigen hun stem voor Nederlandstalige lijsten uit te brengen. Deze lijsten zijn immers hun enige waarborg voor een volledige integratie en inburgering in deze Vlaamse gemeenten.
Wezembeek-Oppem, 9 september 1998.
Jan Walraet voorzitter CVM


Printervriendelijke versie
top