Over poetsvrouwen
Peter De Roover 16-05-2007
|
| Slangen geeft er een lap op |
Als het woord Slangen valt, gaat het doorgaans over gespin, gemanipuleer bij overheidsopdrachten of het uitvechten van persoonlijke persrancunes. Waarbij Slangen in anti-paarse kringen steevast de rol van boeman speelt.
Laten we eerlijk zijn. Dat Slangen spint, manipuleert en persrobbertjes uitvecht, stoort de anti-paarse critici niet. Wel dat hij dat doet in dienst van voor hen verkeerde broodheren.
Hebben we het voor de verandering eens inhoudelijk over Slangen. Een opiniestuk in De Morgen van 5 mei, onder de aandachttrekkende titel ‘iedere poetsvrouw haar poetsvrouw’, biedt die kans. We grijpen ze graag.
Even Slangens stelling samenvatten. Zijn opener: "Een bekend links politicus zei ooit dat een overheid op het verkeerde spoor zit wanneer een poetsvrouw een poetsvrouw moet nemen om ergens anders te gaan poetsen."
Daar is Slangen het dus niet mee eens. We laten zijn zijsprongetjes in het stuk voor wat ze zijn en komen bij de kern. "Wie in eigen huis werkt, krijgt zelden het respect dat iemand krijgt die hetzelfde werk buitenhuis doet. (...) Zeldzaam, begeerd en geapprecieerd worden is een fijn gevoel. Het is een gevoel dat men zelden krijgt wanneer men hetzelfde in eigen huis presteert. Iedereen moet het recht hebben om die erkenning buitenshuis te zoeken. Het levert een pensioen op, continuïteit, vrienden en een goed gevoel. Als je om zo’n job op te pikken zelf iemand in huis moet nemen om een handje toe te steken en je die op zijn of haar beurt hetzelfde gevoel geeft, dan zijn we goed bezig. Laat ons maar dromen van het moment dat iedere poetsvrouw een poetsvrouw heeft."
Enkele zinnen slechts, maar ze tekenen zeer scherp de maatschappijvisie waar Slangen van uitgaat. (Laten we hopen dat het ons geen inzicht biedt in Slangens persoonlijke thuissituatie.)
"Wie in eigen huis werkt, krijgt zelden het respect dat iemand krijgt die hetzelfde werk buitenhuis doet." Tja, wie dat als wet van Meden en Perzen presenteert, gaat erg kort door de bocht. Laten we aannemen dat Slangen het zo aanvoelt. Hij zal niet de enige zijn. Maar tallozen hebben, gelukkig, een andere ervaring. Zij werken om den brode, maar zoeken en vinden echt respect – wat meer is dan een schouderklopje bij een goed afgehandeld dossier op het kantoor – wel degelijk binnenshuis of buitenshuis in de vrije tijd. Mijn moeder was huisvrouw – en dus de facto ook kuisvrouw. Als kind gaf ik haar daar zelden schouderklopjes voor. Maar het respect dat ze daarmee thuis opbouwde, had ze beroepshalve nooit kunnen verwerven. Wanneer ze morgen moet opgenomen worden in het ziekenhuis, zal ze op mijn morele steun en praktische hulp kunnen rekenen. En op die van mijn zus. En op die van mijn vader.
Hadden we ooit een poetsvrouw in huis gehad, waren we de naam ervan mogelijk al vergeten, haar woonplaats zeker.
Vorige week woonde ik een begrafenis bij. Hoewel de overledene de kaap van tachtig ruim gerond had, zat de kerk behoorlijk vol. Maar niet met collega’s. Wel met familie en vrienden die hem leerden kennen en respecteren in zijn vrije tijd. Hoeveel op het werk verworven respect is echt en doorstaat een functiewijziging?
Er is niks vies aan geld verdienen, maar echte appreciatie en respect groeit meestal buiten het geldcircuit om. Dus buiten het werk. Wat wel blijft staan in Slangens betoog: werken geeft een inkomen en een pensioen. Daarom werken de meesten. En daarom moeten velen het thuisfront verwaarlozen. En daarom missen velen het gevoel echt gerespecteerd te worden. Als mens, niet als productiefactor.
Is een wereld waar elke poetsvrouw een poetsvrouw heeft een goede wereld? Of mikken we toch maar liever naar een samenleving waarin iedere poetsvrouw kan rekenen op het respect van een meelevende man, boeiende kinderen, trouwe vrienden, hulpvaardige familieleden en – als het even kan – goede collega’s.
Slangen laat zich hier kennen als meer dan een spinner. Hier spreekt iemand met een maatschappijvisie. Een visie die er van uitgaat dat respect en appreciatie uitsluitend of toch bij voorkeur ‘thuis’ horen in het beroepsleven. Noem me een mietje, maar Slangens wereld lijkt mij net iets te koud.
Reacties
Reageer op dit artikelJohan Bellens op 17-05-07 :
Terug naar de artikelenlijst.



top