Uitspraken van verrassende frisheid

Gezin

Jacques Claes 24-09-2005

Minister+vriend+hond=gezin

Kostelijk die ministers van ons. Daarmee wordt niet bedoeld dat ze veel kosten. Natuurlijk zijn ze duur, mede vanwege de wolk kabinetsleden die ze telkens weer beloven af te slanken. Maar wat is duur als je ziet wat ietwat voetballer betaald krijgt. Die speelt toch ook maar wat.

Met kostelijk bedoel ik dat onze ministers uitspraken doen die hun gewicht in goud waard zijn. Een van die uitspraken kan ik niet uit men geheugen krijgen. Ze komt uit de lieflijke mond van minister Vervotte en betreft het gezin, een aangelegenheid waarover zij, ongehuwd en kinderloos, het volste recht van spreken heeft. Recht van spreken kan worden verstrekt doordat men vreemd is aan de situatie waarover men het heeft. Afstand geeft overzicht en inzicht. Pastoors hebben het toch ook, en steeds opnieuw, gehad over huwelijk en gezin. Maar daar zijn er nu ook van getrouwd en de anderen zijn gemuilband. Afgevoerd. Maar nu hebben we nieuwe herders.

‘Ik’, aldus de minister, ‘heb een vriend en een hond. Dat is een gezin.’ Bij bepaalde gezagsdragers schijnt hun positie bron te zijn van uitspraken die van een verrassende frisheid zijn. Het doet denken aan krakers als die van Lodewijk Veertien: ‘L’état c’est moi’.’ Lodewijk was natuurlijk iets ouder dan onze minister en woog wat zwaarder (door), maar de frisheid waarmee hij het eeuwenoud begrip “staat” nieuwe inhoud geeft, is niet alleen verfrissend maar inspirerend.

Dat doet onze minister met het begrip gezin, iets ouder nog dan het concept staat. Voor zo’n herdefinitie is niet alleen lef, maar ook visie vereist. Er zijn alleen een paar probleempjes, maar die smelten in de gloed van de visie. Ten eerste is er de vraag wat een vriend is. Een nobel woord, maar je kan het haast niet meer gebruiken. De wereld wordt langzamerhand zo vriend-schappelijk (een nieuwe vorm van maatschappelijk) dat je er niet meer uit wijs raakt. Pas op voor vrienden want voor je het weet, zit je met een gezin op je dak. Daar moeten nog juristen aan te pas komen.

Ten tweede: dat van die hond. Daarmee zijn grenzen verlegd. Misschien zegt een volgende, ook verlichte minister: ‘Ik heb een decapotable Mercedes (waar overigens een hond goed in past): dat is een gezin.’ Dan moet je rechten en plichten van zo’n Mercedes gaan beschrijven. Begin er maar aan: ook een kluif voor, liefst verlichte, juristen.

Nog iets over dat gezin. Wanneer publiek wordt gemaakt dat een minister, een lieve man overigens, zijn gezin inwisselt voor een nieuwe horizon, vindt de gegadigde dat hij wordt geschonden in zijn privacy. Nu zou een minister, hoe lief ook, toch moeten weten dat trouwen en getrouwd zijn een openbare, officiële daad en toestand is, met wettelijke ambtenaren en getuigen. En dus, dat het verhalen van die officiële toestand natuurlijk ook iets is dat tot de openbaarheid behoort. Maar zo’n redenering is waarschijnlijk iets te strak, zeker voor een minister, die lief is.

Verwijzingen

  • Gezin - Gepubliceerd in Doorbraak (Oktober 2005)


Terug naar de artikelenlijst.